Modelo HARDEN (endurecer)

El modelo harden (endurecer) pertenece a los verbos débiles o regulares cuya raíz termina en –d. Estos verbos eliminan la desinencia –en de infinitivo y añaden las terminaciones de todos los tiempos verbales sin ningún cambio. También utilizan la desinencia –de para formar el pasado y en el participio pasado no añaden la –d final porque ya acaban con dicha consonante:

HARDEN (endurecer)

INDICATIVO
Presente Perfecto Pretérito
Pluscuamperfecto

ik hard

jij hardt

hij hardt

wij harden

jullie harden

zij harden

ik heb gehard

jij hebt gehard

hij heeft gehard

wij hebben gehard

jullie hebben gehard

zij hebben gehard

ik hardde

jij hardde

hij hardde

wij hardden

jullie hardden

zij hardden

ik had gehard

jij had gehard

hij had gehard

wij hadden gehard

jullie hadden gehard

zij hadden gehard

Futuro
Futuro perfecto CONDICIONAL

ik zal harden

jij zal harden

hij zal harden

wij zullen harden

jullie zullen harden

zij zullen harden

ik zal gehard hebben

jij zal gehard hebben

hij zal gehard hebben

wij zullen gehard hebben

jullie zullen gehard hebben

zij zullen gehard hebben

Presente Pasado

ik zou harden

jij zou harden

hij zou harden

wij zouden harden

jullie zouden harden

zij zouden harden

ik zou gehard hebben

jij zou gehard hebben

hij zou gehard hebben

wij zouden gehard hebben

jullie zouden gehard hebben

zij zouden gehard hebben

PARTICIPIO
IMPERATIVO INFINITIVO Presente Pasado

hard

harden

hardend

gehard

Libros relacionados

WordPress Image Gallery Plugin


Deja un comentario